Art. 47 PCT, Toezending aan de aangewezen bureaus

Verdrag tot samenwerking inzake octrooien (PCT)

47.1. Procedure

a) De in artikel 20 voorziene toezending aan elk aangewezen bureau dient via het Internationaal Bureau te geschieden in overeenstemming met Regel 93bis. 1, echter, onverminderd Regel 47.4, niet voorafgaand aan de internationale publicatie van de internationale aanvrage.

a-bis) Het Internationaal Bureau stelt elk aangewezen bureau in overeenstemming met Regel 93bis. 1 in kennis van de ontvangst en de datum van ontvangst van het oorspronkelijke exemplaar en van een eventueel voorrangsbewijs.

b) Wijzigingen die het Internationaal Bureau binnen de termijn ingevolge Regel 46.1 heeft ontvangen en die nog niet waren toegezonden als voorzien in artikel 20, worden onverwijld aan de aangewezen bureaus toegezonden door het Internationaal Bureau en laatstgenoemd Bureau stelt de aanvrager hiervan in kennis.

c) Direct na het verstrijken van de termijn van 28 maanden vanaf de voorrangsdatum zendt het Internationaal Bureau een kennisgeving aan de aanvrager met vermelding van:

i. de aangewezen bureaus die hebben verzocht om de in artikel 20 voorziene toezending ingevolge Regel 93bis. 1 en de datum van de mededeling aan die bureaus; en

ii. de aangewezen bureaus die niet hebben verzocht om de in artikel 20 voorziene toezending ingevolge Regel 93bis. 1.

c-bis) De in paragraaf c bedoelde kennisgeving wordt aanvaard door de aangewezen bureaus:

i. in het geval van een aangewezen bureau als bedoeld in paragraaf c. i., als afdoende bewijs dat de in artikel 20 voorziene toezending heeft plaatsgevonden op de in de kennisgeving vermelde datum;

ii. in het geval van een aangewezen bureau als bedoeld in paragraaf c. ii., als afdoende bewijs dat de Verdragsluitende Staat waarvoor dat bureau optreedt als aangewezen bureau niet verlangt dat de aanvrager ingevolge artikel 22 een afschrift van de internationale aanvrage verstrekt.

d) Elk aangewezen bureau ontvangt, wanneer het zulks verlangt, de verslagen van het internationale nieuwheidsonderzoek en de verklaringen bedoeld in artikel 17, tweede lid, onder a), ook in de vertaling bedoeld in Regel 45.1

e) Wanneer een aangewezen bureau, voor het verstrijken van de termijn van 28 maanden vanaf de voorrangsdatum, het Internationaal Bureau niet heeft verzocht om de in artikel 20 voorziene toezending in overeenstemming met Regel 93bis. 1, wordt dat uitgelegd als zou de Verdragsluitende Staat waarvoor dat bureau optreedt als aangewezen bureau, het Internationaal Bureau er ingevolge Regel 49.1 (a-bis.) van in kennis hebben gesteld dat hij niet verlangt dat de aanvrager ingevolge artikel 22 een afschrift van de internationale aanvrage verschaft.

47.2. Afschriften De voor toezending vereiste afschriften worden gemaakt door het Internationaal Bureau. Nadere vereisten inzake de voor toezending vereiste afschriften kunnen worden vastgelegd in de Administratieve Instructies.

47.3. Talen

a. De internationale aanvrage die wordt toegezonden ingevolge artikel 20, dient te zijn gesteld in de taal van publicatie.

b. Wanneer de taal waarin de internationale aanvrage wordt gepubliceerd verschilt van de taal waarin zij is ingediend, verstrekt het Internationaal Bureau aan een aangewezen bureau, op verzoek van dat bureau, een afschrift van die aanvrage in de taal waarin zij werd ingediend.

47.4. Uitdrukkelijk verzoek ingevolge artikel 23, tweede lid, voorafgaand aan internationale publicatie Wanneer de aanvrager voorafgaand aan de internationale publicatie van de internationale aanvrage een uitdrukkelijk verzoek ingevolge artikel 23, tweede lid, indient bij het aangewezen bureau, verricht het Internationaal Bureau op verzoek van de aanvrager of het aangewezen bureau onverwijld de in artikel 20 voorziene toezending aan dat bureau.

Verwijst naar

Artikelen die hiernaar verwijzen

Vorige artikelen

Volgende artikelen