Art. 47 SOLAS, Brandpreventie
Internationaal Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee, 1974 (SOLAS)
1. Er dienen middelen aanwezig te zijn om een eventuele brand in een vroeg stadium te ontdekken en alarm te geven:
1. in toevoerluchtkanalen en afvoergassenkanalen van ketels; en
2. in spoelluchtkanalen van voortstuwingswerktuigen, tenzij de Administratie dit in een bepaald geval onnodig acht.
2. Verbrandingsmotoren die een vermogen van 2250 kW of meer hebben, of die cylinders met een diameter van meer dan 300 mm hebben, dienen te zijn voorzien van krukkast-olie-mistdetectors of van controleapparatuur voor de temperatuur van de motorlagers, dan wel gelijkwaardige inrichtingen.