Art. 29 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen, SAMENWERKING
Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
1. De Centrale Autoriteiten werken onderling samen en bevorderen de samenwerking tussen de bevoegde autoriteiten in hun Staten teneinde de doelstellingen van het Verdrag te verwezenlijken.
2. Zij nemen, in verband met de toepassing van het Verdrag, passende maatregelen om informatie te verstrekken over de wetgeving van en de beschikbare diensten in hun Staat op het gebied van de bescherming van volwassenen.
Vorige artikelen
- Artikel 24 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 25 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 26 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 27 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 28 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
Volgende artikelen
- Artikel 30 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 31 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 32 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 33 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen
- Artikel 34 Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen