Art. 13 Huisvestingswet 2014, Criteria voor verlening van de huisvestingsvergunning
1. Burgemeester en wethouders beslissen over de indeling van woningzoekenden in de urgentiecategorieën, bedoeld in artikel 12, tweede en derde lid. Burgemeester en wethouders kunnen van deze bevoegdheid mandaat verlenen.
2. In de huisvestingsverordening stelt de gemeenteraad regels omtrent de wijze waarop woningzoekenden kunnen verzoeken om indeling in een urgentiecategorie.
3. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over gronden voor intrekking van de indeling in een urgentiecategorie als bedoeld in artikel 12, derde lid.
4. Bij ministeriële regeling wordt bepaald wanneer burgemeester en wethouders een aanvraag om een indeling van een woningzoekende in een urgentiecategorie als bedoeld in artikel 12, derde lid, kunnen afwijzen.
5. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de voorschriften die burgemeester en wethouders kunnen verbinden aan een besluit tot indeling van een woningzoekende als bedoeld in artikel 12, derde lid, in een urgentiecategorie of aan een huisvestingsvergunning die wordt verleend op basis dat besluit.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Rotterdam 13 maart 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:1835
- Rb. Rotterdam 13 maart 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:1834
- ABRvS 17 december 2025, ECLI:NL:RVS:2025:6162
- ABRvS 17 december 2025, ECLI:NL:RVS:2025:6141
- ABRvS 17 december 2025, ECLI:NL:RVS:2025:6150
- ABRvS 1 november 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2930
- ABRvS 25 maart 2026, ECLI:NL:RVS:2026:1699
- ABRvS 2 april 2025, ECLI:NL:RVS:2025:1451
- Rb. Rotterdam 30 januari 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:675
- Rb. Gelderland 30 juli 2020, ECLI:NL:RBGEL:2020:3847
- Rb. Amsterdam 19 maart 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:1750
- Rb. Amsterdam 17 april 2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:2193