Art. 135 Penw., Eisen ten aanzien van beleggingen
1. Een pensioenfonds voert een beleggingsbeleid dat in overeenstemming is met de prudent-person regel en met name gebaseerd is op de volgende uitgangspunten:
a. de waarden worden belegd in het belang van aanspraak- en pensioengerechtigden;
b. beleggingen in de bijdragende onderneming worden beperkt tot ten hoogste 5% van de portefeuille als geheel, en ingeval de bijdragende onderneming tot een groep behoort, worden beleggingen in de ondernemingen die tot dezelfde groep als de bijdragende onderneming behoren, beperkt tot ten hoogste 10% van de portefeuille. Wanneer een groep van ondernemingen aan het pensioenfonds premies betaalt, geschieden beleggingen in deze bijdragende ondernemingen prudent, waarbij rekening wordt gehouden met de noodzaak van een behoorlijke diversificatie;
c. de beleggingen worden gewaardeerd op basis van marktwaardering; en
d. de blootstelling aan beleggingsrisico is niet hoger dan 150%.
2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden ter waarborging van het prudente beleggingsbeleid nadere regels gesteld.
3. De eisen die zijn opgenomen in het eerste lid, aanhef en onderdeel b, en de regels die op grond van het tweede lid worden gesteld ten aanzien van de diversificatie van waarden zijn niet van toepassing op beleggingen in staatsobligaties.
4. Een pensioenfonds vermeldt in zijn bestuursverslag op welke wijze in het beleggingsbeleid rekening wordt gehouden met milieu en klimaat, mensenrechten en sociale verhoudingen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G Ettema 23 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:91
- CBb 15 november 2016, ECLI:NL:CBB:2016:323
- Rb. Rotterdam 12 juni 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:8139
- Hof Amsterdam 21 juni 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:2389
- CBb 10 september 2013, ECLI:NL:CBB:2013:104
- Rb. Rotterdam 12 juni 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:8138
- Rb. Noord-Holland 28 februari 2019, ECLI:NL:RBNHO:2019:1720
- Hof Amsterdam 27 oktober 2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:3784
- Rb. Rotterdam 12 juni 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:8140
- Rb. Rotterdam 15 maart 2012, ECLI:NL:RBROT:2012:BV9210
- Rb. Rotterdam 24 november 2011, ECLI:NL:RBROT:2011:BU6966
- Rb. Rotterdam 8 februari 2011, ECLI:NL:RBROT:2011:BP3625
- Rb. Rotterdam 25 april 2013, ECLI:NL:RBROT:2013:BZ9201
- Rb. Rotterdam 4 augustus 2011, ECLI:NL:RBROT:2011:BR4189
- Rb. Limburg 13 juli 2022, ECLI:NL:RBLIM:2022:10667
- Rb. Amsterdam 18 september 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:9666
- Rb. Amsterdam 19 januari 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:431
- Conclusie A-G Wattel 16 januari 2023, ECLI:NL:PHR:2023:126
- Conclusie A-G Valk 24 november 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1326