Art. 2:3f Wft, Betaaldienstverleners met zetel in een staat die geen lidstaat is
Wet op het financieel toezicht (Wft)
1. Het is een ieder met zetel in een staat die geen lidstaat is verboden:
a. in Nederland het bedrijf van betaaldienstverlener uit te oefenen;
b. vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor het bedrijf van betaaldienstverlener uit te oefenen in een andere lidstaat.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op financiële ondernemingen die voor het uitoefenen van het bedrijf van bank een door de Nederlandsche Bank op grond van dit deel verleende vergunning hebben, voor zover het aan hen ingevolge die vergunning is toegestaan betaaldiensten te verlenen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G Bleichrodt 25 augustus 2020, ECLI:NL:PHR:2020:725
- Rb. Rotterdam 20 december 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:10860
- CBb 10 januari 2018, ECLI:NL:CBB:2018:2
- Rb. Rotterdam 20 december 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:10978
- Rb. Rotterdam 20 december 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:10943
- Rb. Rotterdam 20 december 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:10937
- Rb. Rotterdam 19 december 2014, ECLI:NL:RBROT:2014:10396
- Conclusie A-G Paridaens 22 september 2020, ECLI:NL:PHR:2020:818
- Rb. Rotterdam 5 januari 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:109
- Conclusie 12 december 2023, ECLI:NL:PHR:2023:1229