Art. 31 Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2004, Het beroep
Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2004
1. De betrokkene dan wel de voorzitter van het bedrijfslichaam kan binnen zes weken na de verzending van de uitspraak van het tuchtgerecht hoger beroep instellen bij het College, tenzij tegen die uitspraak verzet kan of kon worden gedaan.
2. De voorzitter van het bedrijfslichaam kan voorts hoger beroep instellen tegen een uitspraak bij verstek, tenzij de betrokkene verzet doet. Het hoger beroep kan worden ingesteld binnen zes weken nadat de termijn voor het doen van verzet ongebruikt is verstreken.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CBb 2 oktober 2014, ECLI:NL:CBB:2014:379
- CBb 23 augustus 2010, ECLI:NL:CBB:2010:BN5773
- CBb 13 februari 2014, ECLI:NL:CBB:2014:60
- CBb 2 maart 2006, ECLI:NL:CBB:2006:AX0101
- CBb 17 december 2015, ECLI:NL:CBB:2015:439
- CBb 10 maart 2014, ECLI:NL:CBB:2014:93
- CBb 17 juni 2014, ECLI:NL:CBB:2014:229
- CBb 14 november 2011, ECLI:NL:CBB:2011:BU5453
- CBb 23 augustus 2010, ECLI:NL:CBB:2010:BN5765