Art. 28 Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2004, Het tuchtgeding in eerste aanleg

Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2004

1. Indien naar het oordeel van de voorzitter van het tuchtgerecht geen tuchtmaatregel of geen andere tuchtmaatregel dan een berisping of een geldboete van ten hoogste € 225 dient te worden opgelegd, kan de voorzitter de zaak zonder zitting afdoen. Artikel 27 is van overeenkomstige toepassing.

2. Tegen de uitspraak, bedoeld in het eerste lid, kan de betrokkene of de voorzitter van het bedrijfslichaam binnen zes weken na verzending van de uitspraak verzet doen. In dat geval vervalt de uitspraak en wordt de zaak verder overeenkomstig de artikelen 16 tot en met 27 behandeld.