Art. 2 WBMV, Algemeen
Wet op bijzondere medische verrichtingen (WBMV)
1. Indien gewichtige belangen daartoe aanleiding geven, kan Onze Minister bij ministeriële regeling bepalen:
a. dat het verboden is zonder zijn vergunning medische verrichtingen van een bij de regeling aangegeven aard uit te voeren;
b. dat het verboden is zonder zijn vergunning apparatuur van een bij de regeling aangegeven aard ten behoeve van het uitvoeren van medische verrichtingen aan te schaffen of te gebruiken.
2. De vaststelling krachtens het eerste lid van een ministeriële regeling houdende beëindiging van een verbod als in dat lid bedoeld, wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat een ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS A-G Widdershoven 22 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3557
- ABRvS 6 maart 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ3338
- CRvB 14 februari 2007, ECLI:NL:CRVB:2007:AZ9700
- Rb. Utrecht 24 mei 2002, ECLI:NL:RBUTR:2002:AE3518
- Rb. 's-Hertogenbosch 16 december 2011, ECLI:NL:RBSHE:2011:BU8376
- Rb. 's-Hertogenbosch 12 augustus 2010, ECLI:NL:RBSHE:2010:BN3854
- Rb. 's-Hertogenbosch 24 oktober 2003, ECLI:NL:RBSHE:2003:AN9960
- Rb. 's-Gravenhage 16 november 2011, ECLI:NL:RBSGR:2011:BU8456
- Rb. 's-Gravenhage 12 februari 2004, ECLI:NL:RBSGR:2004:AO3791
- Rb. Rotterdam 13 augustus 2010, ECLI:NL:RBROT:2010:BN3965
- Rb. Midden-Nederland 11 januari 2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:51
- Rb. Maastricht 28 juni 2004, ECLI:NL:RBMAA:2004:AP8808
- CRvB 14 februari 2007, ECLI:NL:CRVB:2007:AZ9694
- CRvB 31 januari 2007, ECLI:NL:CRVB:2007:AZ8510
- CBb 13 maart 2001, ECLI:NL:CBB:2001:AB0862