Art. 2 Wrra, Benoeming en beëdiging
Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren (Wrra)
1. De benoeming in het ambt van president van, vice-president van, raadsheer in of raadsheer in buitengewone dienst bij de Hoge Raad, senior raadsheer, raadsheer of raadsheer-plaatsvervanger in een gerechtshof, senior rechter A, senior rechter, rechter of rechter-plaatsvervanger in een rechtbank, of procureur-generaal, plaatsvervangend procureur-generaal, advocaat-generaal of advocaat-generaal in buitengewone dienst bij de Hoge Raad, geschiedt bij koninklijk besluit op voordracht van Onze Minister voor het leven.
2. De benoeming in het ambt van procureur-generaal, deel uitmakend van het College van procureurs-generaal, landelijk hoofdadvocaat-generaal bij het ressortsparket, hoofdadvocaat-generaal, senior advocaat-generaal of advocaat-generaal bij het ressortsparket of het parket-generaal, dan wel hoofdofficier van justitie, plaatsvervangend hoofdofficier van justitie, senior officier van justitie A, senior officier van justitie, officier van justitie of substituut-officier van justitie bij een arrondissementsparket, het landelijk parket, het functioneel parket, het parket centrale verwerking openbaar ministerie of het parket-generaal geschiedt bij koninklijk besluit op voordracht van Onze Minister.
3. De benoeming in het ambt van plaatsvervangend advocaat-generaal bij het ressortsparket of het parket-generaal, plaatsvervangend officier van justitie, officier enkelvoudige zittingen dan wel plaatsvervangend officier enkelvoudige zittingen geschiedt bij besluit van Onze Minister.
4. In afwijking van het derde lid kan het College van procureurs-generaal de landelijk hoofdadvocaat-generaal of een hoofdadvocaat-generaal, senior advocaat-generaal, advocaat-generaal of plaatsvervangend advocaat-generaal bij het ressortsparket of het parket-generaal benoemen tot plaatsvervangend officier van justitie bij een arrondissementsparket, het landelijk parket, het functioneel parket, het parket centrale verwerking openbaar ministerie of het parket-generaal.
5. In afwijking van het derde lid kan het College van procureurs-generaal een hoofdofficier van justitie, plaatsvervangend hoofdofficier van justitie, senior officier van justitie A, senior officier van justitie, officier van justitie, substituut-officieren van justitie of plaatsvervangend officier van justitie bij een arrondissementsparket, het landelijk parket, het functioneel parket, het parket centrale verwerking openbaar ministerie of het parket-generaal benoemen tot plaatsvervangend advocaat-generaal bij het ressortsparket of het parket-generaal.
6. De benoeming in het ambt van senior-gerechtsauditeur of gerechtsauditeur geschiedt bij besluit van Onze Minister, indien het een benoeming in tijdelijke dienst betreft, onderscheidenlijk bij koninklijk besluit op voordracht van Onze Minister, indien het een benoeming in vaste dienst betreft. Onze Minister benoemt niet onderscheidenlijk doet geen voordracht voor benoeming dan op voorstel van de betrokken functionele autoriteit.
7. De benoeming in het ambt van griffier dan wel substituut-griffier van de Hoge Raad geschiedt bij koninklijk besluit op voordracht van Onze Minister.
8. De benoeming in het ambt van rechter in opleiding en officier in opleiding geschiedt bij besluit van Onze Minister.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 6 oktober 2017, ECLI:NL:HR:2017:2561
- Conclusie A-G Bleichrodt 13 september 2022, ECLI:NL:PHR:2022:819
- HR 17 juli 2020, ECLI:NL:HR:2020:1312
- Conclusie A-G de Bock 3 april 2020, ECLI:NL:PHR:2020:360
- CRvB 24 mei 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:1534
- Conclusie A-G Bleichrodt 23 april 2024, ECLI:NL:PHR:2024:435
- CRvB 12 september 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:1748
- HR 2 juli 2019, ECLI:NL:HR:2019:1062
- Conclusie A-G Hofstee 14 mei 2019, ECLI:NL:PHR:2019:465
- Conclusie A-G Langemeijer 8 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:931
- CRvB 13 juli 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:2427
- CRvB 18 juni 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:2084
- Conclusie A-G Bleichrodt 13 september 2022, ECLI:NL:PHR:2022:820
- Conclusie 23 augustus 2021, ECLI:NL:PHR:2021:1236
- Conclusie 7 oktober 2021, ECLI:NL:PHR:2021:1234
- CRvB 6 oktober 2016, ECLI:NL:CRVB:2016:3684
- Rb. 's-Hertogenbosch 28 september 2004, ECLI:NL:RBSHE:2004:AR7700
- Rb. Overijssel 31 oktober 2023, ECLI:NL:RBOVE:2023:4293
- Conclusie A-G Bleichrodt 18 juli 2025, ECLI:NL:PHR:2025:806
- Conclusie 23 december 2022, ECLI:NL:PHR:2022:1261