Art. 1ab Wrra

Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren (Wrra)

1. Voor zover deze onderwerpen niet in deze wet zijn geregeld, worden bij of krachtens algemene maatregel van bestuur voorschriften vastgesteld betreffende:

a. benoeming, plaatsing en beëdiging;

b. salaris, bezoldiging en andere financiële arbeidsvoorwaarden;

c. arbeidsduur, werktijd en werkverdeling;

d. vakantie en verlof;

e. arbeidsgezondheidskundige begeleiding en voorzieningen in verband met ziekte en arbeidsongeschiktheid;

f. ontslag, herplaatsing, schorsing en disciplinaire maatregelen ten aanzien van niet voor het leven benoemde rechterlijke ambtenaren en rechterlijke ambtenaren in opleiding;

g. rechten en plichten bij reorganisatie;

h. voorzieningen in geval van werkloosheid;

i. ambtskostuum;

j. installatie;

k. de gevallen waarin berichten inzake de rechtspositie van de rechterlijk ambtenaar in afwijking van de artikelen 2:7, tweede lid, en 2:8 van de Algemene wet bestuursrecht uitsluitend elektronisch verzonden behoeven te worden en de voorwaarden die daarbij in acht worden genomen;

l. bescherming bij de arbeid;

m. overige rechten en verplichtingen.

2. De voorschriften, bedoeld in het eerste lid, worden vastgesteld met inachtneming van de onafhankelijkheid van de voor het leven benoemde rechterlijke ambtenaren.