Art. 2da Brra, Benoeming en plaatsing

Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren (Brra)

1. De benoeming in een ambt als bedoeld in artikel 2, achtste lid, van de wet geschiedt in tijdelijke dienst.

2. De benoemingsduur in het in het eerste lid bedoelde ambt is gelijk aan de opleidingsduur bedoeld in de artikelen 6 en 7 van het Besluit opleiding rechters en officieren van justitie.

3. In afwijking van het tweede lid wordt de duur van de in het eerste lid bedoelde benoeming verlengd met de termijn, bedoeld in artikel 36a, tweede lid, indien de opleiding, bedoeld in artikel 2 van het Besluit opleiding rechters en officieren van justitie, eindigt zonder een voordracht voor benoeming als bedoeld in artikel 10, eerste lid, van het Besluit opleiding rechters en officieren van justitie.

Uitspraken die dit artikel aanhalen