Art. 2:334r BW, Algemene bepalingen omtrent splitsingen
Burgerlijk Wetboek Boek 2 (BW2)
1. Indien ten gevolge van de splitsing een overeenkomst van een partij bij de splitsing naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet ongewijzigd in stand behoort te blijven, wijzigt of ontbindt de rechter de overeenkomst op vordering van een der partijen bij de overeenkomst. Aan de wijziging of ontbinding kan terugwerkende kracht worden verleend.
2. De bevoegdheid tot het instellen van de vordering vervalt door verloop van zes maanden na de nederlegging van de akte van splitsing ten kantore van de openbare registers van de woonplaatsen van de verkrijgende rechtspersonen en de gesplitste rechtspersoon.
3. Indien uit de wijziging of ontbinding van de overeenkomst schade ontstaat voor de wederpartij, is de betrokken rechtspersoon gehouden tot vergoeding daarvan.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G Assink 22 september 2023, ECLI:NL:PHR:2023:828
- Rb. Midden-Nederland 25 maart 2015, ECLI:NL:RBMNE:2015:2353
- Conclusie A-G Timmerman 13 september 2013, ECLI:NL:PHR:2013:921
- Rb. Oost-Brabant 5 februari 2015, ECLI:NL:RBOBR:2015:526
- Rb. Oost-Brabant 3 oktober 2014, ECLI:NL:RBOBR:2014:5606
- Rb. Breda 22 februari 2012, ECLI:NL:RBBRE:2012:BW4408
- Rb. Assen 17 januari 2012, ECLI:NL:RBASS:2012:BV7391
- Rb. Amsterdam 24 augustus 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:5478
- Rb. Almelo 12 oktober 2005, ECLI:NL:RBALM:2005:AU4757
- Conclusie A-G Timmerman 13 september 2013, ECLI:NL:PHR:2013:922
- Hof 's-Hertogenbosch 9 augustus 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:3612
- Hof Arnhem-Leeuwarden 23 mei 2023, ECLI:NL:GHARL:2023:4348
- Hof Arnhem-Leeuwarden 10 december 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:10637
- Hof Amsterdam 7 juni 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:2159
- Hof Amsterdam 7 juni 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:2158