Art. 2:334j BW, Algemene bepalingen omtrent splitsingen
Burgerlijk Wetboek Boek 2 (BW2)
1. Een rechtsverhouding waarbij de splitsende rechtspersoon partij is mag, op straffe van gegrondverklaring van een verzet als bedoeld in artikel 334l, slechts in haar geheel overgaan.
2. Is echter een rechtsverhouding verbonden met verschillende vermogensbestanddelen die op onderscheiden verkrijgende rechtspersonen overgaan, dan mag zij worden gesplitst in dier voege dat zij overgaat op alle betrokken verkrijgende rechtspersonen naar evenredigheid van het verband dat de rechtsverhouding heeft met de vermogensbestanddelen die elke rechtspersoon verkrijgt.
3. Indien een rechtsverhouding mede verbonden is met vermogensbestanddelen die de voortbestaande splitsende rechtspersoon behoudt, is lid 2 te zijnen aanzien van overeenkomstige toepassing.
4. De leden 1 tot en met 3 laten de rechten die de wederpartij bij een rechtsverhouding kan ontlenen aan de artikelen 334k en 334r onverlet.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G Assink 22 september 2023, ECLI:NL:PHR:2023:828
- Rb. Rotterdam 15 januari 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:449
- Rb. Oost-Brabant 27 november 2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:6595
- Rb. Oost-Brabant 27 november 2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:6594
- Rb. Oost-Brabant 27 november 2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:6593
- Rb. Noord-Holland 18 december 2024, ECLI:NL:RBNHO:2024:12894
- Rb. Midden-Nederland 11 december 2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:6815
- Rb. Den Haag 17 maart 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:2871
- Rb. Arnhem 1 juni 1999, ECLI:NL:RBARN:1999:AA1020
- Rb. Amsterdam 14 mei 2009, ECLI:NL:RBAMS:2009:2795
- Conclusie A-G Drijber 17 april 2026, ECLI:NL:PHR:2026:414
- Conclusie A-G Timmerman 13 september 2013, ECLI:NL:PHR:2013:922
- Hof 's-Hertogenbosch 8 december 2015, ECLI:NL:GHSHE:2015:5141
- Hof Arnhem 25 september 2012, ECLI:NL:GHARN:2012:BX8863
- Hof Amsterdam 28 november 2024, ECLI:NL:GHAMS:2024:3301
- Hof Amsterdam 28 november 2024, ECLI:NL:GHAMS:2024:3300
- Hof Amsterdam 1 december 2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:3311