Art. 119a Overgangswet NBW, Overgangsbepalingen in verband met Boek 3
Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek (Overgangswet NBW)
1. In afwijking van artikel 68a en artikel 74, leden 2 tot en met 4, blijven voor een rechtsvordering die strekt tot bescherming van gelijksoortige belangen als bedoeld in de artikelen 305a tot en met 305d van Boek 3 en die is ingesteld voor 1 januari 2020 de voorwaarden van toepassing die golden voor die datum.
2. In afwijking van artikel 68a, blijven voor een rechtsvordering die strekt tot bescherming van gelijksoortige belangen als bedoeld in de artikelen 305a tot en met 305d van Boek 3 en die is ingesteld op of na 1 januari 2020 de voorwaarden van toepassing die golden voor die datum voor zover de rechtsvordering betrekking heeft op een gebeurtenis of gebeurtenissen die heeft of hebben plaatsgevonden voor 15 november 2016.
3. Lid 2 is niet van toepassing op een rechtsvordering die strekt tot bescherming van een belang als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van Richtlijn (EU) 2020/1828 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2020 betreffende representatieve vorderingen ter bescherming van de collectieve belangen van consumenten en tot intrekking van Richtlijn 2009/22/EG (PbEU 2020, L 409) en die is ingesteld op of na 25 juni 2023.
4. De wijzigingen van de artikelen 305a en 305c van Boek 3 door de Implementatiewet richtlijn representatieve vorderingen voor consumenten zijn niet van toepassing op rechtsvorderingen die voor 25 juni 2023 zijn ingesteld. Op deze rechtsvorderingen blijven de voor die datum geldende artikelen 305a en 305c van Boek 3 van toepassing.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 11 maart 2022, ECLI:NL:HR:2022:347
- Rb. Amsterdam 9 december 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:6122
- Rb. Amsterdam 17 juli 2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:4264
- Rb. Amsterdam 25 oktober 2023, ECLI:NL:RBAMS:2023:6694
- Rb. Amsterdam 30 maart 2022, ECLI:NL:RBAMS:2022:1541
- Rb. Amsterdam 30 juni 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:3307
- Rb. Amsterdam 30 maart 2022, ECLI:NL:RBAMS:2022:1542
- Hof Amsterdam 13 augustus 2024, ECLI:NL:GHAMS:2024:2245
- Rb. Den Haag 6 september 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:14320
- Conclusie A-G Snijders 6 maart 2026, ECLI:NL:PHR:2026:224
- Conclusie A-G de Bock 17 september 2021, ECLI:NL:PHR:2021:834
- Rb. Noord-Holland 23 juli 2025, ECLI:NL:RBNHO:2025:8944
- HR 17 juli 2026, ECLI:NL:HR:2026:1198
- HR 15 maart 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE0155
- Rb. Oost-Brabant 10 december 2025, ECLI:NL:RBOBR:2025:8099
- Rb. Zutphen 19 december 2002, ECLI:NL:RBZUT:2002:AF3298
- Rb. Roermond 9 augustus 2001, ECLI:NL:RBROE:2001:AB3213
- Rb. Oost-Brabant 19 oktober 2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:4506
- Rb. Midden-Nederland 28 september 2022, ECLI:NL:RBMNE:2022:3871
- Rb. Gelderland 11 mei 2022, ECLI:NL:RBGEL:2022:6063