Art. 28b Sv, De verdachte
Wetboek van Strafvordering (Sv)
1. Indien een kwetsbare verdachte of een verdachte van een misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving gevangenisstraf van twaalf jaren of meer is gesteld, is aangehouden, stelt de hulpofficier van justitie die bij de voorgeleiding beveelt dat de verdachte wordt opgehouden voor onderzoek, het bestuur van de raad voor rechtsbijstand onverwijld van zijn aanhouding in kennis, opdat het bestuur een raadsman aanwijst. Deze kennisgeving kan achterwege blijven indien de verdachte een raadsman heeft gekozen en deze of een vervangende raadsman tijdig beschikbaar zal zijn.
2. Indien een verdachte die is aangehouden voor een strafbaar feit waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten, desgevraagd rechtsbijstand wenst, stelt de hulpofficier van justitie die bij de voorgeleiding beveelt dat de verdachte wordt opgehouden voor onderzoek, het bestuur van de raad voor rechtsbijstand hiervan onverwijld in kennis, opdat het bestuur een raadsman aanwijst. De tweede volzin van het eerste lid is van overeenkomstige toepassing.
3. Indien de verdachte is aangehouden voor een strafbaar feit waarvoor geen voorlopige hechtenis is toegelaten, en hij desgevraagd rechtsbijstand wenst, wordt hij in de gelegenheid gesteld contact op te nemen met een door hem gekozen raadsman.
4. Indien de aangewezen raadsman niet binnen twee uur na de kennisgeving, bedoeld in het eerste en tweede lid, beschikbaar is, en indien de gekozen raadsman niet binnen twee uur na het contact, bedoeld in het eerste, tweede of derde lid, beschikbaar is, kan de hulpofficier van justitie, wanneer de verdachte alsnog afstand doet van zijn recht op rechtsbijstand in verband met het verhoor, beslissen dat met het verhoor van de verdachte wordt begonnen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 9 april 2024, ECLI:NL:HR:2024:556
- HR 22 juni 2021, ECLI:NL:HR:2021:947
- HR 12 december 2023, ECLI:NL:HR:2023:1700
- Conclusie A-G van Wees 12 december 2023, ECLI:NL:PHR:2023:1124
- Conclusie A-G Knigge 27 november 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1333
- Conclusie A-G Spronken 10 oktober 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1356
- Hof Den Haag 20 september 2022, ECLI:NL:GHDHA:2022:2128
- Hof Den Haag 1 april 2021, ECLI:NL:GHDHA:2021:652
- Rb. Gelderland 5 maart 2019, ECLI:NL:RBGEL:2019:6391
- Conclusie A-G Harteveld 28 januari 2025, ECLI:NL:PHR:2025:41
- Conclusie A-G van Wees 12 november 2024, ECLI:NL:PHR:2024:1202
- Conclusie A-G Spronken 12 december 2023, ECLI:NL:PHR:2023:1128
- Hof 's-Hertogenbosch 6 juni 2023, ECLI:NL:GHSHE:2023:1856
- Hof Arnhem-Leeuwarden 24 juni 2025, ECLI:NL:GHARL:2025:3832
- ABRvS 31 juli 2024, ECLI:NL:RVS:2024:3083
- Rb. Rotterdam 4 augustus 2022, ECLI:NL:RBROT:2022:6907
- Rb. Rotterdam 1 februari 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:719
- Rb. Noord-Nederland 21 mei 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:1852
- Rb. Noord-Nederland 26 juni 2019, ECLI:NL:RBNNE:2019:2760
- Rb. Noord-Holland 3 december 2024, ECLI:NL:RBNHO:2024:12673