Art. 483e Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, Van de verdeling van de opbrengst der executie
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Indien een pand- of hypotheekrecht strekt tot zekerheid van vorderingen die de pand- of hypotheekhouder uit hoofde van een bestaande rechtsverhouding zal verkrijgen, kunnen deze in de rangregeling worden begrepen, hetzij voor het gehele op het tijdstip van het opmaken van de staat reeds verschuldigde bedrag, hetzij, op verlangen van de pand- of hypotheekhouder, voorwaardelijk voor het hele bedrag waarvoor het pand- of hypotheekrecht tot zekerheid strekt.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 16 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3023
- Rb. Amsterdam 17 september 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:5661
- Conclusie A-G Timmerman 10 juli 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1691
- Conclusie A-G De Vries Lentsch-Kostense 14 juni 2013, ECLI:NL:PHR:2013:BZ5663
- Conclusie A-G Timmerman 9 juli 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AO7575
- Hof Arnhem-Leeuwarden 22 december 2015, ECLI:NL:GHARL:2015:9816