Art. 44a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, De Autoriteit Consument en Markt en de Europese Commissie
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
1. De Autoriteit Consument en Markt of de Europese Commissie kan, niet optredende als partij, schriftelijke opmerkingen maken ingevolge artikel 15, derde lid, eerste alinea, van verordening (EG) nr. 1/2003 van de Raad van de Europese Unie van 16 december 2002 betreffende de uitvoering van de mededingingregels van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag (PbEG 2003, L 1), indien deze de wens daartoe te kennen heeft gegeven. Met toestemming van de rechter kan de Autoriteit Consument en Markt of de Europese Commissie ook mondelinge opmerkingen maken.
2. Op een verzoek ingevolge artikel 15, derde lid, tweede alinea, van de verordening verstrekt de rechter aan de Autoriteit Consument en Markt of de Europese Commissie de in die bepaling bedoelde stukken. Partijen kunnen binnen een door de rechter te bepalen termijn hun mening over de te verstrekken stukken geven.
3. Op verzoek van de rechter kan de Autoriteit Consument en Markt bijstand verlenen bij het bepalen van de omvang van de schade door een inbreuk op het mededingingsrecht als bedoeld in artikel 193k, onderdeel a, van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek.
4. Partijen kunnen binnen een door de rechter te bepalen termijn op de opmerkingen van de Autoriteit Consument en Markt of de Europese Commissie reageren.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Amsterdam 25 juli 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BX6431
- Rb. Amsterdam 3 december 2009, ECLI:NL:RBAMS:2009:BK6496
- Rb. Amsterdam 16 oktober 2009, ECLI:NL:RBAMS:2009:BK0955
- Conclusie A-G WATTEL 12 augustus 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BO6770
- Conclusie A-G Spier 18 februari 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AO4257
- Hof Arnhem 18 oktober 2011, ECLI:NL:GHARN:2011:BT8677
- Hof Arnhem 17 november 2009, ECLI:NL:GHARN:2009:BL7079
- Hof Amsterdam 23 december 2008, ECLI:NL:GHAMS:2008:BG8028