Art. 58 Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/891, Monitoring- en evaluatieprocedures voor de nationale strategie

Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/891

1. De lidstaten zetten een systeem op waarbij informatie in elektronische vorm wordt verzameld, geregistreerd en bijgehouden voor de samenstelling van de in artikel 56 genoemde indicatoren. Daartoe maken zij gebruik van de informatie van de producentenorganisaties en unies van producentenorganisaties over de monitoring en evaluatie van hun operationele programma's.

2. De monitoring heeft tot doel continu na te gaan welke vooruitgang is geboekt bij de verwezenlijking van de doelen van de operationele programma's. Daartoe wordt gebruikgemaakt van de informatie in de jaarverslagen van de producentenorganisaties en unies van producentenorganisaties. De monitoringexercitie wordt zodanig verricht dat op basis van de resultaten ervan:

a) de kwaliteit van de uitvoering van de operationele programma's kan worden geverifieerd;

b) kan worden nagegaan of en waar de nationale strategie moet worden aangepast of herbeoordeeld om de in het kader van de strategie gestelde doelen te bereiken of om het beheer van de uitvoering van de strategie, waaronder het financieel beheer van de operationele programma's, te verbeteren.

3. In het kader van de evaluatie wordt beoordeeld welke vooruitgang is geboekt ten aanzien van de brede doelstellingen van de strategie. Daartoe wordt gebruikgemaakt van de resultaten van de monitoring en evaluatie van de operationele programma's, zoals vermeld in de door de producentenorganisaties ingediende jaarverslagen en verslagen over het voorlaatste jaar. De resultaten van de evaluatie worden gebruikt om:

a) de kwaliteit van de strategie te verbeteren;

b) na te gaan of en waar de strategie ingrijpend moet worden gewijzigd.

De evaluatie omvat een in 2020 uitgevoerde evaluatie-exercitie. De resultaten ervan maken deel uit van hetzelfde nationale jaarverslag als bedoeld in artikel 54, onder b). Het verslag bevat een analyse van het niveau van benutting van de financiële middelen, de efficiëntie en doeltreffendheid van de uitgevoerde operationele programma's en een beoordeling van de effecten en de impact van deze programma's, getoetst aan de doelen, streefcijfers en maatregelen van de strategie en, in voorkomend geval, aan andere, in artikel 33, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1308/2013 omschreven doelen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen