Art. 43 Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 639/2014, Berekening van het aandeel blijvend grasland
Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 639/2014
1. Arealen die zijn aangegeven door landbouwers die deelnemen aan de in titel V van Verordening (EU) nr. 1307/2013 bedoelde regeling voor kleine landbouwers, en eenheden van een bedrijf die overeenkomstig artikel 11 van Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad (23) worden gebruikt voor biologische productie, worden niet meegeteld in het aandeel van de arealen blijvend grasland in het totale landbouwareaal en in het referentieaandeel als bedoeld in artikel 45, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1307/2013.
2. Arealen die door landbouwers in 2012 als blijvend weiland zijn aangegeven en die zijn omgezet in grond voor ander gebruik, kunnen worden uitgesloten van de berekening van de arealen blijvend grasland als bedoeld in artikel 45, lid 2, tweede alinea, onder a), van Verordening (EU) nr. 1307/2013, tot maximaal het aantal hectaren blijvend weiland of blijvend grasland dat de landbouwers na 2012 hebben aangelegd en in 2015 hebben aangegeven op nationaal, regionaal, subregionaal of bedrijfsniveau, op voorwaarde dat de bestaande, in artikel 6, lid 2, van Verordening (EG) nr. 73/2009 en in artikel 93, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 vastgestelde voorschriften inzake de instandhouding van blijvend grasland in acht zijn genomen.
Bij de berekening van het na 2012 aangelegde aantal hectaren blijvend weiland of blijvend grasland als bedoeld in de eerste alinea, worden alleen de hectaren blijvend weiland of blijvend grasland op een landbouwperceel meegeteld die in 2012, 2013 of 2014 overeenkomstig artikel 34, lid 2, van Verordening (EG) nr. 73/2009 zijn aangegeven.
3. De lidstaten passen het referentieaandeel aan indien zij van oordeel zijn dat de ontwikkeling van het aandeel duidelijk wordt beïnvloed door een verandering van het biologische-productieareaal of van de populatie deelnemers aan de regeling voor kleine landbouwers. In dat geval stellen de lidstaten de Commissie onverwijld in kennis van de aanpassing en de redenen daarvoor.