Art. 25 Verordening (EU) nr. 1315/2013, Vereisten voor de vervoersinfrastructuur
Verordening (EU) nr. 1315/2013
1. De lidstaten zorgen ervoor dat elke op hun grondgebied gelegen luchthaven over ten minste één terminal beschikt die op niet-discriminerende wijze voor alle vervoerders toegankelijk is en tegen transparante tarieven en transparante, pertinente en billijke heffingen hanteert.
2. De lidstaten zorgen ervoor dat de luchtvaartinfrastructuur van het uitgebreide netwerk in overeenstemming is met de gemeenschappelijke basisnormen voor de bescherming van de burgerluchtvaart tegen wederrechtelijke daden, als vastgesteld door de Unie bij Verordening (EG) nr. 300/2008 van het Europees Parlement en de Raad (32).
3. De lidstaten zorgen ervoor dat de infrastructuur voor luchtverkeersbeveiliging de implementatie mogelijk maakt van het gemeenschappelijk Europees luchtruim, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 549/2004 van het Europees Parlement en de Raad (33), Verordening (EG) nr. 550/2004 van het Europees Parlement en de Raad (34), Verordening (EG) nr. 551/2004 van het Europees Parlement en de Raad (35) en Verordening (EG) nr. 552/2004 en van het luchtvervoer, teneinde de prestaties en duurzaamheid van het Europese luchtvaartsysteem, van de uitvoeringsvoorschriften en van de Uniespecificaties te verbeteren.