Art. 49 Verordening (EU) nr. 1305/2013, Selectie van concrete acties
Verordening (EU) nr. 1305/2013
1. Onverminderd artikel 30, lid 3, onder d), van Verordening (EU) nr. 1303/2013 stelt de voor het plattelandsontwikkelingsprogramma bevoegde beheersautoriteit na overleg met het toezichtcomité criteria vast voor de selectie van concrete acties in het kader van alle maatregelen. De selectiecriteria staan borg voor de gelijke behandeling van de aanvragers, voor een beter gebruik van de financiële middelen en voor het afstemmen van de maatregelen overeenkomstig de prioriteiten van de Unie voor plattelandsontwikkeling. Bij de vaststelling en toepassing van de selectiecriteria wordt het evenredigheidsbeginsel toegepast ten aanzien van de omvang van de concrete actie.
2. De voor de selectie van concrete acties bevoegde autoriteit van de lidstaat ziet erop toe dat concrete acties, met uitzondering van de in de artikelen 28 tot en met 31, 33 tot en met 34 en 36 tot en met 39 bedoelde concrete acties, worden geselecteerd overeenkomstig de in lid bedoelde selectiecriteria en overeenkomstig een transparante en goed gedocumenteerde procedure.
3. Indien dat passend is, mogen de begunstigden worden geselecteerd door middel van een inschrijving waarbij criteria van economische doelmatigheid en milieuefficiëntie worden gehanteerd.