Art. 363 Verordening (EU) nr. 575/2013, Toestemming voor het gebruik van interne modellen
1. Nadat zij hebben gecontroleerd of een instelling voldoet aan de vereisten van de afdelingen 2, 3 en 4, al naargelang het geval, verlenen de bevoegde autoriteiten deze instelling toestemming om haar eigenvermogensvereisten voor een of meer van de volgende risicocategorieën te berekenen met behulp van haar interne modellen in plaats van of in combinatie met de in de hoofdstukken 2 tot en met 4 beschreven methoden:
a) algemeen risico van aandeleninstrumenten;
b) specifiek risico van aandeleninstrumenten;
c) algemeen risico van schuldinstrumenten;
d) specifiek risico van schuldinstrumenten;
e) valutarisico;
f) grondstoffenrisico.
2. Een instelling blijft voor risicocategorieën waarvoor zij de in lid 1 bedoelde toestemming voor het gebruik van interne modellen niet heeft gekregen, haar eigenvermogensvereisten berekenen overeenkomstig de hoofdstukken 2, 3 en 4, naar gelang van het geval. De toestemming van de bevoegde autoriteiten voor het gebruik van interne modellen is vereist voor elke risicocategorie en wordt slechts verleend indien het interne model een aanzienlijk deel van de posities van een bepaalde risicocategorie bestrijkt.
3. Voor wezenlijke veranderingen in het gebruik van interne modellen voor het gebruik waarvan de instelling toestemming heeft gekregen, de uitbreiding van het gebruik van interne modellen voor het gebruik waarvan de instelling toestemming heeft gekregen, met name tot bijkomende risicocategorieën, en de initiële berekening van de stresswaarde van het potentiële verlies ("stressed value-at-risk") overeenkomstig artikel 365, lid 2, is een afzonderlijke toestemming van de bevoegde autoriteit vereist.
De instellingen stellen de bevoegde autoriteiten in kennis van alle andere uitbreidingen en veranderingen in het gebruik van de interne modellen voor het gebruik waarvan de instelling toestemming heeft gekregen.
4. De EBA ontwikkelt ontwerpen van technische reguleringsnormen tot nadere bepaling van:
a) de voorwaarden voor het beoordelen van het wezenlijke karakter van de uitbreidingen en veranderingen in het gebruik van interne modellen;
b) de beoordelingsmethode op basis waarvan de bevoegde autoriteiten instellingen toestemming verlenen om interne modellen te gebruiken;
c) de voorwaarden waaronder het deel van de posities dat binnen een risicocategorie door het interne model wordt bestreken, als aanzienlijk moeten worden beschouwd, zoals bedoeld in lid 2.
De EBA legt die ontwerpen van technische reguleringsnormen uiterlijk op 31 december 2014 voor aan de Commissie.
Aan de Commissie wordt de bevoegdheid gedelegeerd om de in de eerste alinea bedoelde technische reguleringsnormen vast te stellen overeenkomstig de artikelen 10 tot en met 14 van Verordening (EU) nr. 1093/2010.