Art. 274 Verordening (EU) nr. 575/2013, Op de waardering tegen marktwaarde gebaseerde methode

Verordening (EU) nr. 575/2013

1. Om de actuele vervangingswaarde van alle contracten met een positieve waarde te bepalen, kennen de instellingen de actuele marktwaarde aan de contracten toe.

2. Om de potentiële blootstelling aan toekomstig kredietrisico te bepalen, vermenigvuldigen de instellingen, naar gelang van het geval, de notionele bedragen of de onderliggende waarden met de percentages in tabel 1, waarbij zij de volgende beginselen in acht nemen:

a) contracten die niet tot een van de in tabel 1 vermelde vijf categorieën behoren, worden behandeld als contracten die betrekking hebben op andere grondstoffen dan edele metalen;

b) voor contracten met meervoudige uitwisseling van hoofdsommen worden de percentages vermenigvuldigd met het aantal resterende betalingen dat overeenkomstig het contract nog moet worden verricht;

c) voor contracten die gestructureerd zijn om na gespecificeerde betalingsdata de uitstaande risicoblootstelling af te wikkelen en waarvan de voorwaarden zodanig herzien worden dat de marktwaarde van het contract op die gespecificeerde data gelijk is aan nul, is de resterende looptijd gelijk aan de resterende tijd tot de volgende herzieningsdatum. In het geval van rentecontracten die aan die criteria voldoen en een resterende looptijd van meer dan één jaar hebben, is het percentage in geen geval lager dan 0,5 %.

Tabel 1

Resterende looptijd

Rentecontracten

Contracten die betrekking hebben op wisselkoersen of op goud

Contracten die betrekking hebben op aandelen

Contracten die betrekking hebben op edele metalen met uitzondering van goud

Contracten die betrekking hebben op andere grondstoffen dan edele metalen

Eén jaar of korter

0 %

1 %

6 %

7 %

10 %

Langer dan één jaar maar niet langer dan vijf jaar

0,5 %

5 %

8 %

7 %

12 %

Langer dan vijf jaar

1,5 %

7,5 %

10 %

8 %

15 %

3. Voor contracten die betrekking hebben op andere grondstoffen dan goud, als bedoeld in bijlage II, punt 3, kan een instelling, als alternatief voor de toepassing van de percentages in tabel 1, de percentages in tabel 2 toepassen op voorwaarde dat die instelling voor die contracten de in artikel 361 beschreven uitgebreide benadering op grond van looptijdklassen volgt.

Tabel 2

Resterende looptijd

Edele metalen

(met uitzondering van goud)

Onedele metalen

Zachte grondstoffen

(landbouw)

Overige, inclusief energieproducten

Één jaar of korter

2 %

2,5 %

3 %

4 %

Langer dan één jaar maar niet langer dan vijf jaar

5 %

4 %

5 %

6 %

Langer dan vijf jaar

7,5 %

8 %

9 %

10 %

4. De som van de actuele vervangingswaarde en de potentiële blootstelling aan toekomstig kredietrisico is de blootstellingswaarde.

Vorige artikelen

Volgende artikelen