Art. 18 Verordening (EU) nr. 65/2011, Verlagingen en uitsluitingen in geval van niet-inachtneming van andere subsidiabiliteitscriteria, verbintenissen en daarmee samenhangende verplichtingen
1. De aangevraagde steun wordt verlaagd of geweigerd wanneer niet aan de volgende verplichtingen en criteria is voldaan:
a) voor de in artikel 36, onder a), punten iv) en v), en onder b), punt v), van Verordening (EG) nr. 1698/2005 genoemde maatregelen, de relevante dwingende normen en minimumeisen inzake het gebruik van meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen, andere relevante dwingende eisen als bedoeld in artikel 39, lid 3, artikel 40, lid 2, en artikel 47, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1698/2005, en verbintenissen die verder gaan dan dergelijke normen en eisen; of
b) andere subsidiabiliteitscriteria dan die welke betrekking hebben op de aangegeven oppervlakte of het aangegeven aantal dieren.
Bij meerjarige verbintenissen zijn verlagingen, uitsluitingen en terugvorderingen van steun ook van toepassing op de bedragen die al in de voorgaande jaren in het kader van die verbintenis zijn betaald.
2. De lidstaat vordert de steun terug en/of weigert de steun of bepaalt het bedrag waarmee de steun wordt verlaagd, met name op basis van de ernst, de omvang en het permanente karakter van de vastgestelde niet-naleving.
De ernst van de niet-naleving hangt met name af van het belang van de gevolgen van de niet-naleving, gelet op het doel van de niet-inachtgenomen criteria.
De omvang van de niet-naleving hangt met name af van het effect ervan op de concrete actie als geheel.
Of de niet-naleving een „permanent karakter” draagt, is met name afhankelijk van de duur van de periode waarin de effecten blijven bestaan, of van de mogelijkheid om dit effect met redelijke middelen te beëindigen.
3. Indien de niet-naleving het gevolg is van opzettelijke onregelmatigheden, wordt de begunstigde voor zowel het kalenderjaar van de bevinding als het daaropvolgende kalenderjaar van de betrokken maatregel uitgesloten.