Art. 48, Terughalen van verloren vistuig
1. Een communautair vissersvaartuig heeft de middelen aan boord om verloren vistuig terug te halen.
2. De kapitein van een communautair vissersvaartuig dat zijn vistuig geheel of gedeeltelijk heeft verloren, tracht het verloren vistuig zo snel mogelijk terug te halen.
3. Wanneer het verloren vistuig niet kan worden teruggehaald, brengt de kapitein van het vissersvaartuig dat ter kennis van de bevoegde autoriteit van de lidstaat waarvan hij de vlag voert; die autoriteit verstrekt de bevoegde autoriteit van de kustlidstaat binnen 24 uur de hiernavolgende gegevens:
a) het externe identificatienummer en de naam van het vissersvaartuig;
b) het soort verloren vistuig;
c) het tijdstip van het verlies;
d) de plaats van het verlies;
e) de maatregelen die zijn genomen om het vistuig terug te halen.
4. Indien vistuig dat door de bevoegde autoriteiten van de lidstaten is teruggehaald, niet als verloren was opgegeven, mogen de autoriteiten de kosten verhalen op de kapitein van het vissersvaartuig dat het vistuig heeft verloren.
5. Een lidstaat kan communautaire vissersvaartuigen met een lengte over alles van minder dan 12 m die zijn vlag voeren, van het bepaalde in lid 1 vrijstellen indien zij:
a) uitsluitend actief zijn in de territoriale zeeën van de vlaggenlidstaat; of
b) nooit meer dan 24 uur op zee blijven tussen het tijdstip van vertrek uit de haven en het tijdstip van terugkeer naar de haven.