Art. 54, Controleverslag

1. Over elke controle ter plaatse in het kader van het onderhavige hoofdstuk, ongeacht of de betrokken landbouwer voor de controle ter plaatse is geselecteerd overeenkomstig artikel 51 of naar aanleiding van niet-nalevingen die op enige andere wijze onder de aandacht van de bevoegde controleautoriteit zijn gebracht, stelt de bevoegde controleautoriteit een controleverslag op.

Het verslag bestaat uit de volgende gedeelten:

a) een algemeen gedeelte dat met name de volgende informatie bevat:

i) de voor de controle ter plaatse geselecteerde landbouwer;

ii) de aanwezige personen;

iii) of de landbouwer van het bezoek in kennis was gesteld en, zo ja, hoe lang van tevoren;

b) een gedeelte waarin de voor elk van de besluiten en normen verrichte controles afzonderlijk worden behandeld en dat met name de volgende informatie bevat:

i) de eisen en normen waarop de controle ter plaatse betrekking had;

ii) de aard en omvang van de verrichte controles;

iii) de bevindingen;

iv) de besluiten en normen ten aanzien waarvan gevallen van niet-naleving zijn vastgesteld;

c) een evaluatiegedeelte waarin het belang van de niet-naleving voor elk besluit en/of elke norm in kwestie overeenkomstig artikel 24, lid 1, van Verordening (EG) nr. 73/2009 wordt beoordeeld aan de hand van de criteria „ernst”, „omvang”, „permanent karakter” en „herhaling”, met vermelding van welke factoren ook die tot een opwaartse of neerwaartse bijstelling van de toe te passen verlaging zouden moeten leiden.

Indien de bepalingen inzake de betrokken eis of norm speelruimte laten om verder geen werk van de vastgestelde niet-naleving te maken, wordt daar in het verslag melding van gemaakt. Hetzelfde geldt in het geval dat een lidstaat overeenkomstig artikel 26, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1698/2005 een extra termijn gunt voor de naleving van nieuwe ingevoerde communautaire normen of overeenkomstig dat artikel jonge landbouwers een extra termijn gunt om aan de bestaande communautaire normen te voldoen.

2. De landbouwer wordt van elk geconstateerd geval van niet-naleving in kennis gesteld binnen drie maanden na de datum van de controle ter plaatse.

Tenzij de landbouwer overeenkomstig artikel 24, lid 2, van Verordening (EG) nr. 73/2009 onmiddellijk een corrigerende actie heeft ondernomen waarmee een einde wordt gemaakt aan de geconstateerde niet-naleving, wordt het feit dat overeenkomstig die bepaling een corrigerende actie moet worden ondernomen, ter kennis van de landbouwer gebracht binnen de termijn zoals vastgesteld in de eerste alinea.

Ingeval de lidstaat gebruikmaakt van de bij artikel 23, lid 2, van Verordening (EG) nr. 73/2009 geboden mogelijkheid om een verlaging of uitsluiting niet toe te passen, wordt de betrokken landbouwer uiterlijk binnen één maand na het besluit om de verlaging of uitsluiting van betalingen niet toe te passen, ervan in kennis gesteld dat een corrigerende actie moet worden ondernomen.

3. Onverminderd eventuele bijzondere bepalingen in de voor de eisen en normen geldende regelgeving, wordt het controleverslag binnen één maand na de controle ter plaatse voltooid. Deze termijn kan echter in deugdelijk gemotiveerde gevallen, met name de noodzaak van een chemische of fysische analyse, tot drie maanden worden verlengd.

Indien de bevoegde controleautoriteit niet het betaalorgaan is, wordt het verslag binnen een maand na de voltooiing ervan aan het betaalorgaan of de coördinerende autoriteit toegezonden.

Uitspraken die dit artikel aanhalen