Art. 19 Verordening (EG) nr. 810/2009, Ontvankelijkheid

Verordening (EG) nr. 810/2009

1. Het bevoegde consulaat gaat na of:

— de aanvraag is ingediend binnen de in artikel 9, lid 1, genoemde termijn;

— de aanvraag de elementen, genoemd in artikel 10, lid 3, onder a), b) en c), bevat;

— de biometrische gegevens van de aanvrager zijn verzameld, en

— de visumleges zijn geïnd.

2. Indien het bevoegde consulaat vaststelt dat aan de voorwaarden van lid 1 is voldaan, is de aanvraag ontvankelijk en

— volgt het consulaat de procedures van artikel 8 van de VIS-verordening, en

— onderzoekt het consulaat de aanvraag nader.

De gegevens mogen uitsluitend in het VIS worden ingevoerd door naar behoren bevoegde consulaire medewerkers overeenkomstig artikel 6, lid 1, artikel 7, en artikel 9, leden 5 en 6, van de VIS-verordening.

3. Indien het bevoegde consulaat vaststelt dat niet aan de voorwaarden van lid 1 is voldaan, is de aanvraag niet ontvankelijk, met als gevolg dat het consulaat onverwijld:

— het aanvraagformulier en alle door de aanvrager verstrekte documenten teruggeeft;

— de verzamelde biometrische gegevens vernietigt;

— de visumleges terugbetaalt, en

— de aanvraag niet onderzoekt.

4. In afwijking hiervan kan een aanvraag die niet aan de eisen van lid 1 voldoet, op humanitaire gronden of vanwege het nationale belang ontvankelijk worden geacht.