Art. 258 Richtlijn 2009/138/EG, Handhavingsmaatregelen
1. Indien de verzekerings- of herverzekeringsondernemingen in een groep de voorschriften van de artikelen 218 tot en met 246 niet naleven, of indien de voorschriften in acht worden genomen maar de solvabiliteit toch dreigt te worden ondermijnd, of indien de intragroeptransacties of de risicoconcentraties de financiële positie van de verzekerings- of herverzekeringsondernemingen bedreigen, wordt door de volgende autoriteiten verlangd dat de nodige maatregelen worden getroffen om de situatie zo spoedig mogelijk recht te zetten:
a) de groepstoezichthouder wat de verzekeringsholding betreft;
b) de toezichthoudende autoriteiten wat de verzekerings- en herverzekeringsondernemingen betreft.
Indien de groepstoezichthouder in het in de eerste alinea, onder a), bedoelde geval geen van de toezichthoudende autoriteiten is van de lidstaat waar de verzekeringsholding haar hoofdkantoor heeft, stelt de groepstoezichthouder deze toezichthoudende autoriteiten in kennis van zijn bevindingen opdat deze de nodige maatregelen kunnen nemen.
Indien de groepstoezichthouder in het in de eerste alinea, onder b), bedoelde geval geen van de toezichthoudende autoriteiten is van de lidstaat waar de verzekerings- of herverzekeringsonderneming haar hoofdkantoor heeft, stelt de groepstoezichthouder deze toezichthoudende autoriteiten in kennis van zijn bevindingen opdat deze de nodige maatregelen kunnen nemen.
Onverminderd lid 2, bepalen de lidstaten welke maatregelen hun toezichthoudende autoriteiten met betrekking tot verzekeringsholdings kunnen nemen.
Waar nodig coördineren de betrokken toezichthoudende autoriteiten, met inbegrip van de groepstoezichthouder, hun handhavingsmaatregelen.
2. Onverminderd hun strafrechtelijke bepalingen zien de lidstaten erop toe dat sancties of maatregelen kunnen worden opgelegd aan verzekeringsholdings die wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen overtreden welke ter uitvoering van deze titel zijn vastgesteld, of aan de feitelijke bestuurders daarvan. De toezichthoudende autoriteiten werken nauw samen opdat de genoemde sancties of maatregelen doeltreffend zijn, inzonderheid als het hoofdkantoor van een verzekeringsholding zich elders dan haar centrale administratie of hoofdvestiging bevindt.
3. De Commissie kan uitvoeringsmaatregelen aannemen met het oog op de coördinatie van de in de leden 1 en 2 bedoelde handhavingsmaatregelen.
Deze maatregelen die beogen niet-essentiële onderdelen van deze richtlijn te wijzigen door deze aan te vullen, worden vastgesteld volgens de regelgevingsprocedure met toetsing van artikel 301, lid 3.