Art. 5

1. Elke houder van dieren, behoudens de vervoerder, houdt een register bij waarin ten minste de in deel B van de bijlage bedoelde informatie staat.

2. De lidstaten kunnen de houder verzoeken in het onder lid 1 bedoelde register, naast de in deel B van de bijlage bedoelde informatie, aanvullende informatie op te nemen.

3. Het register wordt manueel of per computer bijgehouden in een door de bevoegde autoriteit goedgekeurde vorm, en wordt gedurende een door de bevoegde autoriteit vast te stellen periode van ten minste drie jaar permanent op het bedrijf ter beschikking gehouden van de bevoegde autoriteit, die op haar verzoek inzage krijgt.

4. In afwijking van lid 1 is de vermelding van de in deel B van de bijlage bedoelde informatie in een register facultatief in elke lidstaat waar een gecentraliseerd en operationeel elektronisch gegevensbestand bestaat dat deze gegevens reeds bevat.

5. Elke houder van dieren stelt de bevoegde autoriteit op haar verzoek in kennis van alle informatie betreffende oorsprong, identificatie en, in voorkomend geval, bestemming van de dieren waarvan hij eigenaar is geweest of die hij heeft gehouden, vervoerd, verhandeld of geslacht in de afgelopen drie jaar.

6. De lidstaten stellen elkaar en de Commissie in kennis van het op hun grondgebied gebruikte model van het bedrijfsregister, alsook van de eventueel toegestane afwijking van het bepaalde in lid 1.

Uitspraken die dit artikel aanhalen