Art. 8 Verordening (EG) nr. 1347/2000, Residuele bevoegdheden

Verordening (EG) nr. 1347/2000

1. Voorzover geen rechterlijke instantie van een lidstaat krachtens de artikelen 2 tot en met 6 bevoegd is, wordt de bevoegdheid in elke lidstaat beheerst door de wet van die staat.

2. Een onderdaan van een lidstaat die zijn gewone verblijfplaats heeft op het grondgebied van een andere lidstaat kan, evenals de onderdanen van die staat, een beroep doen op de daar geldende bevoegdheidsregels tegenover een verweerder die zijn gewone verblijfplaats niet op het grondgebied van een lidstaat heeft en die niet hetzij de nationaliteit van een lidstaat heeft hetzij, in het geval van het Verenigd Koninkrijk en Ierland, zijn "domicile" (woonplaats) op het grondgebied van een van deze staten heeft.

Afdeling 2

Toetsing van de bevoegdheid en de ontvankelijkheid