Art. 14 Richtlijn 2000/29/EG
Op voorstel van de Commissie stelt de Raad de wijzigingen vast die aangebracht moeten worden in de bijlagen.
Onderstaande beslissingen worden evenwel genomen volgens de procedure van artikel 17:
a) de aanvullingen op bijlage III met betrekking tot bepaalde planten, plantaardige producten of andere materialen van oorsprong uit bepaalde derde landen, op voorwaarde dat:
i) een verzoek om opneming van deze aanvullingen wordt ingediend door een lidstaat die reeds bijzondere verbodsbepalingen toepast inzake het binnenbrengen van die producten van oorsprong uit derde landen,
ii) in het land van oorsprong aanwezige schadelijke organismen in fytosanitair opzicht een gevaar vormen voor de hele Gemeenschap of voor een deel ervan en
iii) de eventuele aanwezigheid ervan op de betrokken producten bij het binnenbrengen ervan niet doeltreffend kan worden ontdekt;
b) de aanvullingen op de andere bijlagen met betrekking tot bepaalde planten, plantaardige producten of andere materialen van oorsprong uit bepaalde derde landen, op voorwaarde dat:
i) een verzoek om opneming van deze aanvullingen wordt ingediend door een lidstaat die reeds bijzondere verbodsbepalingen of beperkingen toepast met betrekking tot het binnenbrengen van die producten van oorsprong uit derde landen en
ii) de in het land van oorsprong aanwezige schadelijke organismen voor de hele Gemeenschap of voor een deel ervan in fytosanitair opzicht een gevaar vormen voor bepaalde teelten waarbij de omvang van de eventuele schade niet kan worden voorspeld;
c) elke wijziging van deel B van de bijlagen, in overeenstemming met de betrokken lidstaat;
d) elke andere wijziging die in het licht van de ontwikkeling van de wetenschappelijke of technische kennis in de bijlagen moet worden aangebracht.