Art. 48 Verordening (EG) nr. 1750/1999

Verordening (EG) nr. 1750/1999

1. Voor op basis van oppervlakten toegekende steun geldt het bepaalde in artikel 9, leden 1 en 2, van Verordening (EEG) nr. 3887/92 en voor op basis van dieren toegekende steun het bepaalde in artikel 10, leden 2, 3, 7, 11 en 12, van die verordening.

Bovendien geldt voor dergelijke steun het bepaalde in artikel 11, lid 1, onder a), alsmede de artikelen 12, 13 en 14 van Verordening (EEG) nr. 3887/92.

2. De lidstaten stellen een regeling inzake sancties bij niet-naleving van de verplichtingen en de desbetreffende regelgeving vast en nemen alle voor de toepassing van die regeling benodigde maatregelen. Deze sancties dienen doeltreffend, evenredig en afschrikkend te zijn.

3. Indien blijkt dat door ernstige nalatigheid een onjuiste aangifte werd gedaan, wordt de betrokken begunstigde voor het betreffende kalenderjaar uitgesloten van alle steun voor plattelandsontwikkeling die onder het desbetreffende hoofdstuk van Verordening (EG) nr. 1257/1999 valt. In het geval van een opzettelijk onjuiste aangifte wordt hij tevens voor het daaropvolgende jaar uitgesloten. Deze sanctie geldt onverminderd bijkomende sancties waarin in de nationale regelgeving is voorzien.

Uitspraken die dit artikel aanhalen