Art. 12 Verordening (EG) nr. 2200/96
1. De Lid-Staten:
a) nemen binnen drie maanden na indiening van een met alle nodige bewijsstukken gestaafd verzoek, een besluit inzake de erkenning;
b) verrichten met geregelde tussenpozen controles op de inachtneming door de telersverenigingen van de erkenningsvoorwaarden, stellen de sancties vast die aan de betrokken verenigingen bij niet inachtneming worden opgelegd en besluiten zo nodig dat hun erkenning wordt ingetrokken;
c) delen elk besluit inzake verlening, weigering of intrekking van de erkenning binnen twee maanden aan de Commissie mee.
2. De voorwaarden waaronder en de frequentie waarmee de Lid-Staten de Commissie verslag uitbrengen over de werking van de telersverenigingen, worden vastgesteld volgens de procedure van artikel 46.
De Commissie vergewist zich door controles overeenkomstig titel VI van de naleving van artikel 11 en lid 1, onder b), van het onderhavige artikel en verzoekt de Lid-Staten naar aanleiding van dergelijke controles zo nodig de verleende erkenning in te trekken.