Art. 7 Verordening (EEG) nr. 2847/93

Verordening (EEG) nr. 2847/93

1. De kapitein van een vissersvaartuig uit de Gemeenschap die gebruik wenst te maken van de aanvoerplaatsen van een andere Lid-Staat dan die waarvan zijn vaartuig de vlag voert, meldt de bevoegde autoriteiten van die Lid-Staat ten minste 2 uur van tevoren:

- de aanvoerplaats(en) en de vermoedelijke tijd van aankomst;

- de hoeveelheden van elke soort die zullen worden aangevoerd.

2. Wanneer de in lid 1 bedoelde kapitein de gevraagde gegevens niet meldt, kunnen de bevoegde autoriteiten passende sancties treffen.

3. Overeenkomstig de procedure van artikel 36 kan de Commissie bepaalde categorieën vissersvaartuigen uit de Gemeenschap gedurende een beperkte en verlengbare periode vrijstellen van de in lid 1 vermelde verplichting of voorzien in een andere meldingstermijn, waarbij onder andere rekening wordt gehouden met de afstand tussen de visgronden, de aanvoerplaatsen en de havens waar de betrokken vaartuigen zijn geregistreerd of op een lijst zijn vermeld.

Vorige artikelen

Volgende artikelen