Art. 1 Richtlijn 92/106/EEG

Richtlijn 92/106/EEG

Deze richtlijn is van toepassing op het gecombineerd vervoer, onverminderd het bepaalde in Verordening (EEG) nr. 881/92 (5).

In deze richtlijn wordt verstaan onder "gecombineerd vervoer": het goederenvervoer tussen Lid-Staten waarbij de vrachtwagen, de aanhangwagen, de oplegger met of zonder trekker, de wissellaadbak of de container van 20 voet en meer gebruik maken van de weg voor het eerste of het laatste gedeelte in het traject, en voor het andere gedeelte van het spoor of de binnenwateren, of van een zeetraject wanneer dat traject meer bedraagt dan 100 km hemelsbreed gemeten, en het begin- of het eindvervoer over de weg verrichten:

- hetzij tussen de laadplaats van de goederen en het dichtstbij gelegen geschikte station van inlading, voor wat het beginvervoer betreft, en tussen het dichtstbij gelegen geschikte station van uitlading en de losplaats van de goederen, voor wat het eindvervoer betreft;

- hetzij binnen een afstand van ten hoogste 150 km hemelsbreed gemeten, vanaf de rivier- of zeehaven van in- of van uitlading.

Uitspraken die dit artikel aanhalen

Volgende artikelen