Art. 3 Richtlijn 92/46/EEG

Richtlijn 92/46/EEG

1. De Lid-Staten zien erop toe dat rauwe melk alleen wordt bestemd voor de bereiding van produkten op basis van melk of van warmtebehandelde consumptiemelk als zij aan de volgende eisen voldoet:

a) zij moet afkomstig zijn van dieren en bedrijven die op grond van artikel 13, lid 1, op gezette tijden door de bevoegde autoriteiten worden gecontroleerd;

b) zij moet overeenkomstig artikel 10, lid 2, en de artikelen 14 en 15 worden gecontroleerd en voldoen aan de in bijlage A, hoofdstuk IV, vastgestelde normen;

c) zij moet voldoen aan de voorwaarden van bijlage A, hoofdstuk I;

d) zij moet afkomstig zijn van bedrijven die voldoen aan de voorwaarden van bijlage A, hoofdstuk II;

e) zij moet voldoen aan de in bijlage A, hoofdstuk III, omschreven eisen inzake hygiëne.

2. De Lid-Staten zien erop toe dat melk van gezonde dieren die behoren tot beslagen die niet voldoen aan de eisen van bijlage A, hoofdstuk I, punt 1, onder a) i), en onder b), i), alleen gebruikt mag worden voor de bereiding van (¹) PB nr. 121 van 29. 7. 1964, blz. 1977/64. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 91/499/EEG (PB nr. L 268 van 24. 9. 1991, blz. 107).

(²) PB nr. L 46 van 19. 2. 1991, blz. 19.

(³) PB nr. L 148 van 3. 7. 1971, blz. 4. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 222/88 (PB nr. L 28 van 1. 2. 1988, blz. 1).

warmtebehandelde melk of van produkten op basis van melk nadat onder toezicht van de bevoegde autoriteit een warmtebehandeling heeft plaatsgevonden.

Geite- en schapemelk bestemd voor het handelsverkeer moeten deze warmtebehandeling ter plaatse ondergaan.

Uitspraken die dit artikel aanhalen