Art. 15 Richtlijn 92/46/EEG

Richtlijn 92/46/EEG

1. De Lid-Staten leggen de Commissie overeenkomstig de voorschriften en beginselen van Richtlijn 86/469/EEG van de Raad van 16 september 1986 inzake het onderzoek van dieren en vers vlees op de aanwezigheid van residuen (1) uiterlijk op 30 juni 1993 de nationale maatregelen voor die getroffen moeten worden om ook rauwe melk, warmtebehandelde melk en produkten op basis van melk te onderzoeken op de aanwezigheid:

- van residuen van groep III (antibiotica, sulfonamiden en andere antimicrobiële stoffen) van bijlage I, onder A, bij genoemde richtlijn,

- van residuen van groep II (andere residuen) van bijlage I, onder B, bij genoemde richtlijn.

2. De Lid-Staten zien erop toe dat in het kader van de in artikel 14 bedoelde controles, controles worden verricht met het oog op het opsporen van residuen van stoffen met farmacologische en hormonale werking, van antibiotica, van bestrijdingsmiddelen, van detergenten en van andere stoffen die schadelijk zijn, die de organoleptische kenmerken van de melk of de produkten op basis van melk kunnen beïnvloeden of die eventueel ertoe kunnen leiden dat de consumptie van melk of produkten op basis van melk gevaarlijk of schadelijk is voor de menselijke gezondheid wanneer deze residuen de toegestane toleranties overschrijden.

Indien in de onderzochte melk of produkten op basis van melk sporen van residuen voorkomen in hoeveelheden die de toegestane toleranties overschrijden, moeten zij van gebruik voor menselijke consumptie worden uitgesloten.

Het onderzoek op residuen moet worden verricht volgens methoden die wetenschappelijk zijn erkend en op hun praktische waarde zijn getoetst, en met name volgens die welke zijn omschreven op communautair of internationaal niveau.

3. De bevoegde autoriteit controleert steekproefsgewijze of de voorschriften van lid 2 worden nageleefd.

4. Volgens de procedure van artikel 31 wordt het volgende vastgesteld:

- de wijze van uitvoering en de frequentie van de in lid 3 bedoelde controles,

- de in lid 2 bedoelde toleranties en referentiemethoden.

Volgens dezelfde procedure kan worden besloten het onderzoek uit te breiden tot andere dan de in lid 1 bedoelde stoffen.

5. Tot de inwerkingtreding van de uitvoeringsbepalingen van dit artikel blijven de nationale voorschriften, onverminderd de algemene Verdragsbepalingen, van toepassing.