Art. 11
1. De artikelen 5 tot en met 10 en artikel 15 zijn niet van toepassing op het intracommunautaire handelsverkeer in pluimvee en broedeieren, wanneer het kleine partijen van minder dan 20 stuks betreft.
2. Pluimvee en broedeieren als bedoeld in lid 1 moeten op het tijdstip van verzending evenwel afkomstig zijn van koppels
- die sedert de uitkomst of sedert ten minste drie maanden in de Gemeenschap hebben verbleven,
- die op het tijdstip van verzending vrij zijn van klinische symptomen van besmettelijke pluimveeziekten,
- die, wanneer ze ingeënt moeten worden, aan de in bijlage III vastgestelde inentingsvoorschriften voldoen,
- ten aanzien waarvan geen veterinairrechtelijke maatregelen voor pluimvee van toepassing zijn,
- die zich niet bevinden in een met aviaire influenza of met de ziekte van Newcastle besmette zone, die is afgebakend in het kader van de krachtens artikel 19 vast te stellen bestrijdingsmaatregelen,
bestrijdingsmaatregelen,
bestrijdingsmaatregelen,
bestrijdingsmaatregelen,
- die, overeenkomstig hoofdstuk III van bijlage II, negatief hebben gereageerd op een serologische test ter opsporing van antistoffen van Salmonella Pullorum-Gallinarum.