Art. 3
Wanneer de bevoegde autoriteiten constateren dat zij ingevolge een strafrechtelijk vervolgbare handeling niet in staat waren het juiste bedrag van de wettelijk verschuldigde rechten bij invoer of bij uitvoer ter zake van het betrokken goed vast te stellen , is de in artikel 2 vastgestelde termijn niet van toepassing .
In dat geval geschiedt de navordering door de bevoegde autoriteiten overeenkomstig de op dit gebied in de Lid-Staten geldende bepalingen .
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G van Hilten 6 juli 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1381
- Conclusie A-G van Hilten 6 juli 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1380
- Hof Amsterdam 18 september 2001, ECLI:NL:GHAMS:2001:AI5658
- Hof Amsterdam 23 maart 1999, ECLI:NL:GHAMS:1999:AK4842
- CBb 3 december 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AO1940
- CBb 3 december 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AO1935
- CBb 3 december 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AO1932
- CBb 3 december 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AO1931
- CBb 3 december 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AO1929
- CBb 3 december 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AO1928
- CBb 3 december 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AO1925
- CBb 3 december 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AO1924