Art. 26 Zesde Richtlijn 77/388/EEG, Bijzondere regeling voor reisbureaus

Zesde Richtlijn 77/388/EEG

1. De Lid-Staten passen de belasting over de toegevoegde waarde op de handelingen van reisbureaus toe overeenkomstig het bepaalde in dit artikel , voor zover de reisbureaus op eigen naam tegenover de reiziger optreden en zij voor de totstandbrenging van de reizen gebruik maken van leveringen en diensten van andere belastingplichtigen . Dit artikel is niet van toepassing op reisbureaus die alleen optreden als tussenpersoon en waarop artikel 11 , A , lid 3 , sub c ) , van toepassing is . In de zin van dit artikel worden onder reisbureaus ook reisorganisatoren ( tour operators ) verstaan .

2. De handelingen van het reisbureau met het oog op de totstandkoming van de reis worden beschouwd als één enkele dienst van het reisbureau aan de reiziger . Deze dienst wordt belast de Lid-Staat waar het reisbureau de zevel van zijn bedrijfsuitoefening of een vaste inrichting heeft gevestigd van waaruit het de dienst heeft verleend . Voor deze dienst wordt als maatstaf van heffing en prijs exclusief belasting in de zin van artikel 22 , lid 3 , sub b ) , beschouwd de winstmarge van het reisbureau , dat wil zeggen het verschil tussen het totale bedrag dat de reiziger exclusief belasting over de toegevoegde waarde moet betalen en de werkelijk door het reisbureau gedragen kosten voor goederenleveringen en diensten van andere belastingplichtigen , mits deze handelingen de reizigér rechtstreeks ten goede komen .

3. Indien de handelingen waarvoor het reisbureau een beroep doet op andere belastingplichtigen door laatstgenoemden buiten de Gemeenschap worden verricht , wordt de dienst van het reisbureau gelijkgesteld met een krachtens artikel 15 , punt 14 , vrijgestelde handeling van tussenpersoon . Indien deze handelingen zowel binnen als buiten de Gemeenschap worden verricht , mag alleen het gedeelte van de dienst van het reisbureau betreffende de buiten de Gemeenschap verrichte handelingen als vrijgesteld worden beschouwd .

4. De bedragen van de belasting over de toegevoegde waarde die het reisbureau worden aangerekend door andere belastingplichtigen voor de in lid 2 bedoelde handelingen die de reizigers rechtstreeks ten goede komen , mogen in de Lid-Staten afgetrokken noch teruggegeven worden .