Art. 6 Verordening (EEG) nr. 1612/68

Verordening (EEG) nr. 1612/68

1. De indienstneming en de werving van een onderdaan van een Lid-Staat voor een betrekking in een andere Lid-Staat mogen niet afhankelijk zijn van medische, beroeps- of andere criteria die op grond van de nationaliteit discriminerend zijn ten opzichte van de criteria die gelden voor onderdanen van de andere Lid-Staat die dezelfde werkzaamheid wensen uit te oefenen.

2. Een onderdaan die in het bezit is van een op naam gestelde aanbieding van werk van een werkgever uit een andere Lid-Staat dan die waarvan hij onderdaan is, mag evenwel onderworpen worden aan een onderzoek naar vakbekwaamheid, indien de werkgever zulks uitdrukkelijk verzoekt bij het doen van zijn aanbieding.