Art. 7 Verordening (EEG) nr. 804/68
1. Het door elke Lid-Staat aangewezen interventiebureau koopt tegen de interventieprijs onder overeenkomstig lid 4 vastgestelde voorwaarden het , hem aangeboden , in de Gemeenschap geproduceerde magere melkpoeder van eerste kwaliteit , indien dit poeder aan bepaalde vereisten voldoet .
2. De afzet van het door de interventiebureaus gekochte magere melkpoeder geschiedt zodanig dat het evenwicht op de markt niet wordt verstoord en dat aan de kopers een gelijke toegang tot de te verkopen produkten en een gelijke behandeling wordt gewaarborgd .
Voor het mager melkpoeder dat in de loop van een melkprijsjaar niet tegen normale voorwaarden kan worden afgezet , kunnen bijzondere maatregelen worden genomen .
3. Onder overeenkomstig lid 4 vastgestelde voorwaarden kan steun worden verleend voor de particuliere opslag van in de Gemeenschap geproduceerd mager melkpoeder van eerste kwaliteit , indien dit poeder aan bepaalde vereisten voldoet .
4. De Raad stelt , op voorstel van de Commissie , volgens de stemprocedure van artikel 43 , lid 2 , van het Verdrag , de algemene voorschriften vast betreffende de in dit artikel bedoelde interventiemaatregelen , en met name de voorwaarden voor de toepassing daarvan .
5. De uitvoeringsbepalingen van dit artikel worden vastgesteld volgens de procedure van artikel 30 .