Art. 8 Richtlijn 64/433/EEG

Richtlijn 64/433/EEG

1. Onverminderd het bepaalde in de leden 2 tot en met 4 blijven de bepalingen van de Lid-Staten inzake de gezondheidsbescherming betreffende het handelsverkeer in levende dieren en vers vlees van kracht tot aan de inwerkingtreding van eventueel door de Europese Economische Gemeenschap hieromtrent vast te stellen bepalingen .

2. Een Lid-Staat kan , indien er gevaar bestaat voor verbreiding van dierziekten door de overbrenging van vers vlees uit een andere Lid-Staat naar zijn grondgebied , onderstaande maatregelen treffen :

a) indien er zich in deze andere Lid-Staat een veeziekte voordoet , kan hij de overbrenging van dit vlees van uit de delen van het grondgebied van deze staat , waar deze ziekte zich heeft voorgedaan , tijdelijk verbieden of beperken ;

b) indien een veeziekte zich snel uitbreidt of in geval van een nieuwe ernstige of besmettelijke dierziekte , kan hij de overbrenging van dit vlees uit het gehele grondgebied van deze staat tijdelijk verbieden of beperken .

3. De maatregelen die een Lid-Staat uit hoofde van het bepaalde in lid 2 heeft genomen , moeten binnen een termijn van tien werkdagen ter kennis van de overige Lid-Staten en van de Commissie worden gebracht met nauwkeurige vermelding van de gronden waarop zij berusten .

4. Indien de betrokken Lid-Staat het in lid 2 bedoelde verbod of beperking ongerechtvaardigd acht , kan hij zich tot de Commissie wenden , ten einde de onverwijlde opening van besprekingen te verkrijgen .

Uitspraken die dit artikel aanhalen

Vorige artikelen

Volgende artikelen