ABRvS 20 november 2024, ECLI:NL:RVS:2024:4630

Bij besluit van 10 februari 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen. De vreemdeling is geboren op [geboortedatum] en heeft de Syrische nationaliteit. Hij wil gezinshereniging met zijn jongere broer, referent, en hun inmiddels in Nederland verblijvende gezinsleden. De vreemdeling is, toen hij dertien jaar oud was, met zijn ouders, broers en zussen uit Syrië naar Turkije gevlucht. Referent is naar Nederland doorgereisd en heeft op 25 augustus 2020 een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd verkregen. Referent heeft op 15 oktober 2020 mvv-aanvragen in het kader van nareis ingediend voor zijn ouders en mvv-aanvragen in het kader van artikel 8 van het EVRM ingediend voor zijn drie broers - waaronder de vreemdeling - en vier zussen. De minister heeft op 10 februari 2022 de mvv-aanvragen voor de ouders, één broer en vier zussen van referent ingewilligd. Deze gezinsleden verblijven al bij referent in Nederland. De minister heeft de mvv-aanvraag voor de vreemdeling afgewezen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken