Rb. Rotterdam 22 januari 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:392

Verweerder heeft een boete opgelegd omdat een toezichthouder op het slachthuis heeft geconcludeerd dat de kuikens van eiser vangletsel hadden. Vangletsel wordt bepaald door een telling aan de slachtlijn van kuikens met bepaalde bloedingen. De handhavingsnorm van 2 % die verweerder daarbij hanteert acht de rechtbank niet toelaatbaar omdat dit in strijd met de Transportverordening is, op grond waarvan vangletsel bij geen enkel kuiken is toegestaan. Daarnaast oordeelt de rechtbank dat er teveel onzekerheid is in het terug herleiden van letsel tot het vangproces. Voor de vaststelling van de ouderdom van het letsel dat aan de slachtlijn wordt geteld wordt onder meer gekeken naar de verkleuring; er geldt daarbij een glijdende schaal van rood (2 minuten oud) naar donkerrood-paars (12 uur oud). Kennelijk zijn in dit geval bloedingen met een donkerrode kleur meegenomen. De rechtbank merkt op dat het verschil tussen rood en donkerrood niet eenduidig is en een subjectief element heeft. Bij gebreke van verdere feitelijke waarnemingen hierover in het rapport of foto's op dit punt, is er volgens de rechtbank teveel onzekerheid over de ouderdom van de meegetelde bloedingen en staat niet in voldoende mate vast dat sprake was van letsel veroorzaakt ten tijde van het vangen. De gestelde overtreding is daarmee onvoldoende bewezen en verweerder mocht daarom geen boete opleggen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen