Rb. Overijssel 13 februari 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:713

Deze uitspraak gaat over het beroep van eiser tegen het niet tijdig beslissen door de deken van de Orde van advocaten Midden-Nederland (hierna: de deken) op een verzoek tot het aanwijzen van een advocaat. Inmiddels heeft de deken alsnog op dit verzoek beslist. Daarom heeft eiser geen belang meer bij een beoordeling van het beroep tegen het niet tijdig beslissen en is dat beroep niet-ontvankelijk. De rechtbank komt verder tot het oordeel dat eiser de deken niet te vroeg in gebreke heeft gesteld en dat de deken hem daarom een dwangsom moet betalen wegens het niet tijdig beslissen op het verzoek. Deze uitspraak gaat niet ook over de alsnog genomen beslissing op het verzoek tot het aanwijzen van een advocaat, omdat daartegen geen beroep kan worden ingesteld.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken