Rb. Den Haag 23 juli 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:7431
Gevangenisstraf van vier jaren en zes maanden voor deelname aan de terroristische organisatie Islamitische Staat en voorbereidingshandelingen tot het plegen van een terroristisch misdrijf. Verdachte is van 30 mei 2014 tot 15 juni 2016 tot bij IS verbleven. Op een aanmeldformulier van de verdachte bij IS staat hij opgegeven als fighter. Er zijn aanwijzingen dat hij in een trainingskamp van IS heeft gezeten. In het dossier zitten veel foto’s waarop de verdachte gewapend en in gevechtskleding te zien is. Verder zitten er belastende chats in het dossier. Daarin praat hij over het goede leven in Syrië, de strijd, dat het knallen wordt als de Turken aanvallen. Hij is op verschillende plaatsen in Syrië en Irak is geweest die onder controle van IS stonden. Vrijspraak voor ronselen voor de gewapende strijd. Geen sprake van ne bis in idem, ondanks veroordeling in Turkije, aangezien de straf niet volledig ten uitvoer is gelegd in Turkije. Wel houdt de rechtbank in strafmatigende zin rekening met de tijd die de verdachte in Turkije heeft vastgezeten
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- HR 2 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:472
- HR 8 januari 2019, ECLI:NL:HR:2019:12
- HR 12 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:897
- Hof Den Haag 7 juli 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:1979
- Rb. Den Haag 10 december 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:14365
- HR 10 februari 2015, ECLI:NL:HR:2015:264
- HR 1 februari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BM9102
- HR 2 februari 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK5193
- HR 31 maart 2009, ECLI:NL:HR:2009:BG9198
- HR 15 mei 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA0502
- HR 8 oktober 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE5651
- Hof, ECLI:NL:GHDH:2018:2765