Conclusie A-G Hofstee 23 april 2019, ECLI:NL:PHR:2019:427

Conclusie AG over de vergoeding van immateriële schade aan bewoners van een woning waarin bij hun afwezigheid is ingebroken. Onder welke omstandigheden kan het slachtoffer van woninginbraak als benadeelde partij worden geacht te zijn “aangetast in zijn persoon op andere wijze” als bedoeld in art. 6:106 sub b BW? Gelet op de wetsgeschiedenis van het BW en de rechtspraak van de civiele kamer en de strafkamer van de Hoge Raad, adviseert de AG de bestreden uitspraak gedeeltelijk te vernietigen en de zaak in zoverre terug te wijzen naar het hof.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken