Conclusie A-G Spronken 23 april 2019, ECLI:NL:PHR:2019:424
Conclusie AG over de vraag of de verdediging aan het handelen van de rechter-commissaris het gerechtvaardigd vertrouwen kon ontlenen dat de terechtzitting in eerste aanleg niet door zou gaan en dus de termijnoverschrijding bij het instellen van hoger beroep de verdachte niet kan worden toegerekend. Art. 587.2 Sv en art. 408 Sv. Naar de mening van de AG is dit niet het geval en het advies aan de Hoge Raad is het cassatieberoep te verwerpen.
De uitspraak op rechtspraak.nl